Pagina's

dinsdag 31 december 2013

Vuurwerkverbod

De roep om een algeheel verbod op het afsteken van vuurwerk door particulieren wordt steeds luider. Het vuurwerkmeldpunt kreeg de afgelopen dagen al meer dan 10.000 klachten. En inmiddels blijkt dat twee derde van de Nederlanders een verbod wil. Maar is dat wel zo’n goed idee?
 
Terwijl ik gezellig naar de Top2000 luister moet ik de radio steeds harder zetten om het geluid van vuurwerk niet te hoeven horen. Ik vind het verschrikkelijk en heb het ook nooit leuk gevonden. Als kind heeft mijn broer een keer zijn hand kapot geknald en is de jas van mijn moeder gehavend door een verdwaald rotje. Het enige vuur dat ik ooit in handen heb is om een kaarsje aan te steken of de houtkachel aan te maken. En dat wil ik graag zo houden.

Ik kan mij dus helemaal vinden in de conclusies van het door de EenVandaag gehouden enquête. Daaruit blijkt dat 64% een verbod wil op het afsteken door particulieren. Maar diegenen die het wel willen toestaan vinden regulering wel op hun plaats. Het liefst in een beperkt aantal uren en alleen op oudejaarsavond tot uiterlijk 02.00 uur. En niet zoals nu vanaf 10.00 uur ’s morgens. 

Vanmorgen was het al flink raak bij ons in het dorp. Grote groepen jongens, het zijn alleen maar jongens, laten duidelijk merken dat ze er zijn. Vooral veel kabaal maken en bewust de grenzen opzoeken naar de omgeving. Zelfs zonder kleerscheuren boodschappen doen was vanmorgen bijna onmogelijk. De rotjes vlogen mij om de oren.

Speeltjes voor jongens
Wat ook drastisch gereguleerd moet worden is de verkooptermijn. Waarom niet alleen verkoop op oudejaarsdag? Want daar gaat het al mis. De politie heeft er al dagen vooraf de handen vol aan, want overal bezorgen groepjes jongens overlast. Dus dat vuurwerk afsteken door particulieren wordt verboden ben ik in die zin helemaal voor. Teveel overlast, teveel ongelukken door onkundig gebruik, teveel blijvend letsel bij jonge kinderen, teveel onrust bij de dieren, teveel troep in de lucht en de volgende ochtend een grote puinhoop op straat.

Maar vanuit heel ander opzicht ben ik het niet eens dat er een verbod moet komen. Mijn jongens zijn er al maanden druk mee. Wat gaan ze kopen en hoeveel hebben ze te besteden? Al maanden wordt geld opzij gelegd voor het vuurwerk. Geregeld worden filmpjes op internet bekeken over wat er allemaal te koop is en wat de beste prijs-prestatie is. Een hele studie hebben ze ervan gemaakt. Maanden zijn ze er zoet mee en kijken ze uit naar oudejaarsdag.

Op buffeljacht
Vorige week was het eindelijk zover en konden ze met hun vader de bestelling ophalen en vandaag mogen ze eindelijk echt aan de slag. Om 9.00 uur stond het eerste vriendje al op de stoep, hij kon niet wachten tot 10.00 uur. Met aansteeklont en veiligheidsbril gaan ze met een groepje vrienden de hort op, de waarschuwing van mijn kant wegwuivend met: “Ja, mam, dat weten we nu wel.” Niet stoer natuurlijk.
 
Als het vuurwerk afsteken door particulieren algeheel verboden wordt gaan ze het stiekem doen en dan zijn we nog veel verder van huis. Opgroeiende jongens waarbij de hormonen gaan opspelen moeten nu eenmaal hun agressie kwijt en laten zien hoe stoer ze zijn. We leven niet meer in een tijd dat jongens op een bepaalde leeftijd voor het eerst met de mannen meegingen op buffeljacht. Dus moeten ze op andere manieren hun mannelijkheid bewijzen. Dan maar liever op deze manier, gecontroleerd en een keer per jaar. De rest van het jaar leven ze zich wel weer uit op het voetbalveld.

Niet verbieden maar reguleren
Zelf heb ik dus helemaal niets met vuurwerk, maar als moeder van twee zonen kan ik er niet van onderuit. Het geeft ze vreugde. En door ze als ouders een bepaalde mate van vrijheid mee te geven is ook wat waard, ze moeten leren waar gevaren en grenzen liggen. Wij geven als ouders het goede voorbeeld door de regels en de grenzen te respecteren. Daarbij hebben we de afgelopen weken alle waarschuwingen die in de media voorbij kwamen sterk benadrukt: “Kijk weer een jongen zonder vingers, zielig hè.”

Opvoeden is vooral loslaten en je kinderen de ruimte te geven om te ondervinden wat goed en fout is. Kinderen zijn veel krachtiger als ze zelfvertrouwen hebben. Dat is ook wat ik verwacht van een overheid. Niet teveel betutteling, maar de burger verantwoordelijk maken voor zijn eigen handelen. Ook burgers kunnen veel meer dan de overheid vaak doet voorkomen.

Ik wens iedereen een hele mooie jaarwisseling toe!

 

dinsdag 17 december 2013

Primary verkiezingen

De eerste primary verkiezingen ooit binnen de Europese partijen is een feit. The European Green Party (EGP) zet in aanloop tot de Europese verkiezingen in mei 2014 de toon. Een eerste stap naar meer directe democratie in Europa en een mogelijkheid om de burgers op een andere manier te betrekken bij de Europese politiek. 

Hoe vaak krijgen we de kans een lijsttrekker te kiezen? Zelfs al ben je lid van een partij dan heb je vaak geen zeggenschap over de nominatie van de partijleider. Toch is de voortrekker van een partij gezichtbepalend en dus belangrijk. Waarom dan niet rechtstreeks laten kiezen? En waarom niet mensen van buiten de partij mee laten stemmen? Daartoe biedt een primary gelegenheid.

Ombuigen Euro scepsis
Veel mensen hebben weinig met de Europese Unie of zijn er uitermate kritisch of zelfs negatief over. Dat is jammer en niet terecht. De EU doet ook hele goed dingen. Door verregaande samenwerking van de lidstaten zijn we in staat om bestaande en opkomende machtsblokken in de wereld het hoofd te bieden. Zouden we dat niet doen dan walst de VS met zijn multinationals als Monsanto dwars over de Europese markt en worden we uit China nog verder overspoeld met goedkope namaakproducten.

Ondanks alle kritiek dat er teveel geld gestoken is in de zuidelijke Europese landen zien we dat daar de crisis toch een positieve wending begint te nemen. We vinden het lastig dat grenzen open gaan en we een toestroom van Roemenen en Bulgaren kunnen verwachten. Bijna dagelijks komen bij het eiland Lampedusa vluchtelingen aan uit landen die geteisterd worden door honger of conflicten. In de Oekraïne is een hevige strijd gaande over de vraag of ze nu aansluiting willen bij Rusland of bij Europa. We kunnen ons dus afvragen waarom zoveel landen tot de EU willen behoren? Zo slecht doen we het als Europa blijkbaar niet.

Primary
Om de interesse te wekken voor de Europese verkiezingen en de betrokkenheid van de burgers te vergroten is de primary een mooi instrument. De Europese Groenen, de vierde partij in het Europees Parlement, ziet dit in een pakt dit op. De EGP nodigt alle burgers in de EU van 16 jaar en ouder uit om te stemmen voor de kandidaten die het gezicht van de EGP gaan bepalen bij de Europese verkiezingen in mei 2014. Dus geen achterkamertjespolitiek maar een eerlijke keuze in alle openheid.

Hoe de primary werkt en waarom dat belangrijk is kun je bekijken op bijgaand filmpje.



De primary kandidaten zijn gekozen uit een eerder gehouden voorronde waarbij alle leden van de EGP één kandidaat konden voordragen. Om mee te kunnen doen in de primary moest de kandidatuur door minimaal 4 partijen worden ondersteunt. Ik was zelf als kandidaat voorgedragen door mijn partij De Groenen, maar heb helaas te weinig ondersteuningsverklaringen behaald. De aldus geselecteerde vier primary kandidaten José Bové uit Frankrijk, Monica Frasoni uit Italië, Rebecca Harms uit Duitsland en Ska Keller van de FYEG hebben allen reeds zitting in het Europees Parlement of hebben dat gehad, waardoor ze al een zekere bekendheid genieten. Dat voorrecht heb ik nog niet gehad dus moest ik in hun mijn meerdere erkennen.

Directe Democratie
Het fenomeen primary verkiezingen is over komen waaien uit de Verenigde Staten en heeft als doel meer zeggenschap neerleggen bij de burger. We zien de laatste jaren steeds vaker interne verkiezingen voor het boegbeeld van een partij, maar dan nog hebben alleen de leden de mogelijkheid te stemmen. Dus deze Groene Primary is een mooie gelegenheid om op een nieuwe manier politiek te bedrijven en het imago van de Europese politiek op te vijzelen.

De roep om meer directe democratie wordt de laatste jaren steeds luider. Een primary evenals referenda helpt mee de kloof te dichten die bestaat tussen burger en politiek. Daarbij zijn ook interactie en het gebruik van social media van groot belang. Daarom vinden tot 28 januari 2014, de sluitingsdatum van de primary, door heel Europa live debatten en online internet chattsessies met de kandidaten plaats. Hierdoor is interactie tussen de burger en de kandidaten mogelijk waardoor niet alleen diverse onderwerpen worden uitgediept maar ook de kennis over de kandidaten wordt vergroot, waardoor een gefundeerde keuze kan plaatsvinden.
Wil je meedebatteren kijk dan op de agenda.

Wil je ook meer zeggenschap in Europa doe dan mee in de primary. Want jij kiest voor Europa!


Recapitulerend: Waarom deze Green Primary?
Om burgers actief te betrekken bij de komende verkiezingen.
Om interactie tussen burgers en politici te vergroten.
Om de democratie een nieuwe impuls te geven.
Om een begin te maken met directe democratie.
Om andere politiek te bedrijven.
Om het groene geluid vooruitlopend op de verkiezingen extra te laten weerklinken.
Om de Groene Familie te versterken en de Groene Droom te verwezenlijken.

Stem mee!
Stemmen kan tot 28 januari 2014
Stem nu HIER.

vrijdag 29 november 2013

De moderne mens is consument

De moderne mens is een economische mens. Hij drukt alles uit in geld en is voortdurend bezig zijn behoeft te bevredigen. Onze economie is derhalve ingericht op het voortbrengen van goederen die vervolgens zo snel mogelijk worden geconsumeerd om met dezelfde snelheid op de vuilnisbelt te doen belanden.

Van de week was ik op zoek naar wat begrippen over de economische mens ter voorbereiding van een nieuwe workshop over duurzaamheid. In mijn zoektocht stuitte ik op de film van Annie Leonard: The story of stuff. Ik bekeek hem weer eens en realiseerde mij wederom wat een fantastische film het is. In 20 minuten wordt ons hele economische systeem met al zijn makke aan de orde gesteld. Midden in de film constateert Leonard dat wij verworden zijn tot consumenten en dat onze enige taak is het zo snel mogelijk consumeren van producten.

Goedkoop is duurkoop
Ik kom zelf uit een boerenmilieu. Bij ons werd zo min mogelijk verspild en zoveel mogelijk hergebruikt. Mijn vader zei altijd: “Goedkoop is duurkoop” dus kregen wij nuttige spullen die gerepareerd konden worden. Kom daar nu nog maar eens om, bijna niets is meer te repareren. Alles is voor kortdurend gebruik in elkaar gezet. Als je elektronische tandenborstel kapot is dan kan je een nieuwe kopen, repareren is niet alleen veel te duur maar ook nagenoeg onmogelijk. Ik heb er nog altijd moeite mee.

Laatst was een speaker box van mijn computer kapot gegaan dus kocht ik losstaande speakers in een elektronicazaak, voor bijna niets. Mijn blijdschap dat ik voor zo weinig geld een goede oplossing voor mijn probleem had gevonden was van zeer korte duur. Onze jonge kat had al na drie dagen de draad doorgeknaagd, in wel vier stukken. Probeer dat maar eens te ruilen! Dus kon ik, met de wijze raad van mijn vader in mijn oren, weer nieuwe kopen. Wie nog een suggestie heeft hoe ik de onopenbare kastjes kan openen om de draad te repareren, mag zich melden.

Wegwerpmaatschappij
We leven in een wegwerpmaatschappij en het is zoeken met een lichtje om spullen te vinden die te repareren zijn. Het is treurig te moeten constateren dat het credo van mijn vader alleen maar schrijnender is geworden. Toch is er hoop. Nu ruim 5 jaar na het uitkomen van The Story of Stuff begint het tij te keren. Mensen pikken het niet langer om alleen maar wegwerpartikelen te kopen.

De film van Leonard is zo mooi want het laat haarfijn zien dat er iets goed scheef zit in ons systeem. Van alle grondstoffen in de aarde is een derde al opgebruikt. Slechts 1% van alles wat we kopen wordt langer dan 6 maanden gebruikt. De overige 99% gaat vroegtijdig kapot of is verouderd mede dankzij de commercie en de mode. Voor de productie van consumptieartikelen gebruiken we teveel grondstoffen, teveel synthetische chemicaliën en teveel pesticiden die op zeker moment in onze voedselketen weer tevoorschijn komen met alle gevolgen van dien voor onze gezondheid. Om nog maar te zwijgen over de verontreinigde afvalbergen die we hebben achtergelaten en de wereldwijde plundering van voor mens en dier onleefbaar geworden gebieden. En de grote vraag is of we gelukkiger zijn geworden van al dat consumeren.

De circulaire economie
Daarom is het hoogtijd dat we een nieuwe weg inslaan. Om te beginnen door meer aandacht te geven aan de circulaire economie waarbij twee elementen van belang zijn: het verhogen van de belasting op grondstoffen zodat er minder uit de grond gehaald wordt en het verlagen van de belasting op arbeid zodat repareren loont. Maatregelen die genomen dienen te worden door overheden, maar ook genomen kunnen worden als we maar willen. Als we ons niet slechts laten leiden door de grote multinationals die de macht bezitten om dergelijke voor hun nadelige maatregelen tegen te houden. We zullen wel moeten willen we de leefbaarheid op onze aarde veilig stellen en alles wat er op leeft serieus nemen.

Bekijk hier de film en oordeel zelf.



dinsdag 19 november 2013

Wat heeft Zen met Gamen te maken?

Jaarlijks worden in Amsterdam de Uilen uitgereikt, de prijzen voor de beste games in de game-industrie. Het is een van de groeiende sectoren in onze industrie en niet meer weg te denken uit het bestaan van jongeren. Met sterrenstatus tot gevolg voor de makers van succesvolle games. 
 
 
“Mam, wat voor spellen speelden jullie vroeger op de computer?” vroeg mijn zoon laatst. Ik kan er alleen maar hard om lachen. En als ik hem uitleg dat er in mijn jeugd nog geen computers waren dan weet hij dat eigenlijk ook wel. Mijn zonen zijn verzot op gamen. Zelf heb ik daar niet zoveel mee. Al dat schieten om je tegenstander te vernietigen dat roept bij mij weerstand op. Verbieden helpt niet, want dan doen ze het gewoon stiekem of bij vriendjes. Maar ik laat wel weten wat ik vind van gewelddadige spellen.

Ik hou mij in mijn werk bezig met innovatie en help organisaties inspelen op veranderingen, dus stiekem ben ik reuze geïnteresseerd in hoe mijn kinderen de digitale wereld omarmen. Tenslotte zijn zij de toekomst en daar zullen we op in moeten spelen. Hoewel ik mij geregeld afvraag of het wel verstandig is dat ze zoveel digitaal doen en of het niet ten koste gaat van hun sociale contacten en vaardigheden? Maar aan de andere kant is het voor hun verdere leven toch wel erg handig als ze er goed mee overweg kunnen, want het einde van de digitalisering is nog lang niet in zicht. Dus probeer ik het in goede banen te leiden en de balans te bewaken door iPod-, game- of computerloze dagen in te lassen.

De digitale wereld
Wat de digitale economie betreft staan we nog maar aan het begin. Toch moet het Nederlandse bedrijfsleven het hebben van de digitale ontwikkelingen en de mogelijkheden die dat biedt voor de veranderende samenleving. Door de jaren heen hebben wij veel productie overgeheveld naar lagelonenlanden en zijn wij verschoven van industrieland naar kennis- en innovatieland. Daarom ook wordt de innovatie in de digitale industrie als een van de topsectoren genoemd waar in geïnvesteerd wordt.

De winnende game: Reus
Willen we de opkomende industrieën het hoofd bieden dan
moeten we slim zijn en doen waar we goed in zijn zoals kunst, architectuur, creativiteit en vrij denken. Juist deze kenmerken komen aan bod als het gaat om de game-industrie. En laten we daarin nu juist een vooraanstaande positie innemen in de wereld. Ook steeds meer vrouwen vinden emplooi in de game-industrie waardoor weer andersoortige spellen ontstaan.

Zengames
Voor mij is er ook nog hoop als het gaat om gamen. Zeer verrast was ik namelijk over de nieuwste generatie games die het daglicht zien, ook wel ‘Zengames’ genoemd. “Niet schieten maar rustig bezinnen” kopte de NRC op 14 augustus. Games die inspelen op ontwikkelingen als mindfulness, meditatie, yoga en zingeving. Concentratie is de basis van deze spellen waardoor rust, innerlijke diepgang en zelfinzicht ontstaat. Spellen die je leren omgaan met lastige situaties en een antwoord kunnen zijn op onze jachtige stressmaatschappij. Ik zie voor deze games enorme mogelijkheden voor het bedrijfsleven en gunstige effecten voor de gezondheidszorg.

Dus knijp ik nog maar eens een oogje toe als mijn jongens weer aan het gamen zijn. Binnenkort hoop ik ze te kunnen verleiden met mijn voorkeur.


Deze blog is in iets gewijzigde vorm eerder gepubliceerd op het ondernemers Platform Lach.

vrijdag 15 november 2013

Beslechten van de generatiekloof

Onze samenleving is sterk in verandering. Hoe gaat de oudere generatie daar mee om? Kunnen zij alle veranderingen wel bijbenen? En hoe gaan wij om met de generatiekloof?

Als ik bij oudere familieleden op de koffie ga dan moet ik er wel om 10 uur zijn, want bij mij in de familie worden tradities hooggehouden. Het maakt niet uit dat ik eerst een uur moet rijden voordat ik er ben, 10 uur is koffietijd. Ook worden er steevast twee kopjes koffie geserveerd. En durf niet om een derde te vragen, want alleen de blik al laat weten dat dit niet binnen de mogelijkheden hoort. Kom ik een uurtje later dan loop ik grote kans dat ik een glaasje fris krijg aangeboden, want de koffie is immers al op. Zo gaat dat in een familie met sterke tradities.

Ik ben opgevoed door de generatie waarbij wederopbouw en zelfopoffering centraal stond. Een opvoeding met duidelijk normen en waarden waarbij regels en grenzen de basis vormde. Keuzes werden gemaakt op basis van de traditie: gedegen, wel overwogen en zeker niet impulsief. De ouderen zetten de toon en geven het voorbeeld en de jongeren hebben zich daarbij neer te leggen. Zelfs nu ik volwassen ben blijf ik het kind van mijn ouders en wordt van mij gehoorzaamheid en volgzaamheid verwacht. En spring niet uit de band want dat valt niet goed. Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.

Nieuwerwets eten
Nee, dan de huidige generatie voor hen is niets te gek en kiezen is verdomd lastig. Opgegroeid in een wereld van mogelijkheden, van tientallen tv-zenders, shampoos, frisdranken en niet te vergeten de computer. Een enorme keuzevrijheid waar zelfs ik wel eens jaloers op kan zijn. Mijn kinderen vragen wel eens: “Mam, wat voor spellen deed jij vroeger op de computer?” Inmiddels weten ze wel dat de eerste computer zijn intrede deed toen ik al ver in de twintig was, maar toch.

Dat met traditie niet te spotten valt en generatiekloven blijven bestaan blijkt ook uit de eetgewoonten van oudere generaties. Mijn tuin staat vol met courgettes dus bracht ik er een mee voor mijn tante. “O dank je wel”, zei ze. Na enige aarzeling, want een gegeven paard mag je niet in de bek zien, voegde ze er toch aan toe “wat is het eigenlijk en wat moet ik er mee doen?” Dom natuurlijk dat ik er niet bij stil gestaan heb dat dit een nieuwerwetse groente is.

Tijdens het tweede kopje koffie vertelde ze hoe ze genoten had van haar cruise naar Scandinavië met haar dochter. Alleen het eten was haar erg tegengevallen. Terwijl haar dochter, mijn nicht dus, de dag ervoor aan de telefoon juist zo enthousiast was over de grote variëteit aan eten. Zo zie je maar weer smaken verschillen, zelfs tussen generaties. Toen ik haar vroeg waarom het eten niet lekker was reageerde ze: “Het was allemaal zo vreemd, ik heb geen eens aardappelen gezien!” Eigenlijk was ik daar heel verbaasd over omdat ze ieder jaar op vakantie gaat naar het buitenland. “Had ze dan altijd aardappelen meegenomen?” vroeg ik mij in stilte af.

Polarisatie
Hoe gaan de ouderen om met alle veranderingen? Tegenwoordig hebben ook zij allemaal wel een PC en een mobiele telefoon. Waar vroeger de dames gingen handwerken en de mannen biljarten of kaarten en een sigaar roken zijn de ouderen nu massaal op computerles en ontdekken ze hoe makkelijk het is om te skypen met (klein)kinderen, waar ook ter wereld. Toch is de oudere generatie door de crisis ook onzeker geworden. Geregeld hoor ik zeer verontwaardigde reacties over hoe ze links en rechts gekort worden. Immers zij hebben ervoor gezorgd dat de wederopbouw succesvol was en dat er vanaf de jaren ’60 sprake was van enorme welvaartsgroei.

De hang naar het verleden en de behoefte te behouden wat we hebben vertaalt zich ook in de politiek. Uitermate jammer en ongelukkig vind ik de opkomst van de ouderenpartijen zoals 50Plus. Dit leidt alleen maar tot nog meer polarisatie in onze samenleving naast die van autochtoon versus allochtoon. Jongeren en ouderen worden hiermee tegen elkaar uitgespeeld. Een slechte ontwikkeling. Kunnen we binnenkort de oprichting van een jongerenpartij verwachten?

Nieuw mensbeeld
We beginnen er goed van doordrongen te raken dat onze verzorgingsstaat onbetaalbaar is geworden en dat er alternatieven moeten komen. Hoewel de term participatiesamenleving een hoop weerstand oproept is dat toch de weg die we moeten inslaan. Daar zullen ook de ouderen aan moeten bijdragen. De tijd is voorbij dat zij op hun oude dag onbekommerd in luxe verzorgd worden. Het is simpelweg niet meer op te brengen.

Gelukkig heeft de meerderheid van de pensioengerechtigde generatie het beter dan ooit tevoren, dus kunnen ze best wat extra bijdragen. Punt is alleen dat de knop nog even om moet. En dat is heel erg lastig zeker voor een generatie die is opgegroeid met een sterke traditie en een totaal ander mensbeeld. Daar was hard werken de norm en werd je afgemeten aan de baan die je had. Nu is het nog maar de vraag of de huidige generatie hun pensioengerechtigde leeftijd wekend zullen behalen.

Tijd voor een nieuw mensbeeld waarbij iedereen telt, zonder aanzien des persoons, zonder terug te kijken naar het verleden van hoe het toen was, maar met een nieuw perspectief op de toekomst. Alleen als we samenwerken kunnen we de enorme verandering waar we voor staan realiseren.


woensdag 30 oktober 2013

Het hek is van de dam

“Hé Jolanda, heb je het al gelezen? Zwitserland gaat het basisinkomen invoeren.” Van alle kanten werd ik door vrienden en bekenden gewezen op de berichten uit Zwitserland. Het geeft een goed gevoel dat de tamtam die ik gemaakt heb over basisinkomen in ieder geval is aangekomen.
 
In een binnenkort te houden referendum krijgen alle Zwitsers de gelegenheid zich uit te spreken over de invoering van het onvoorwaardelijk basisinkomen. Vooral de hoogte van het bedrag doet het buitenland opveren. Ook in ons land duikt de media er bovenop. Zwitserland wil het basisinkomen invoeren ter hoogte van een maandelijks uit te keren bedrag van 2500 Zwitserse Franken. Omgerekend in euro’s is dat een behoorlijk bedrag namelijk € 2030,-.

“Ik ga emigreren”, gaf een van mijn vrienden aan, “van zo’n bedrag kan ik prima leven”. Maar helaas heeft hij pech want zo’n vaart loopt het nog niet in Zwitserland, het gaat namelijk om een referendum en dat zal pas het begin zijn van de weg er naartoe. Ook is de hoogte van het bedrag relatief, want de kosten voor levensonderhoud zijn er aanzienlijk hoger. En daarnaast speelt nog mee dat je als buitenlander Zwitserland niet zo maar binnen komt.

Gratis geld maakt gelukkig
Een artikel dat behoorlijk wat stof deed opwaaien was dat van Rutger Bregman van de Correspondent. De titel: “Waarom we iedereen gratis geld moeten geven”, maakte verhitte discussies los waarbij voor- en tegenstanders elkaar met allerlei argumenten om de oren sloegen. Op zeker moment kwam zelfs de uitspraak “Geen gezeik, iedereen rijk” van Koot & Bie voorbij.

Het artikel laat vooral zien welke experimenten er wereldwijd en door de jaren heen zijn geweest met de invoering van een al dan niet beperkt basisinkomen. In London hebben zwervers betere kansen gekregen, waarbij de gemeenschap nog goedkoper uit was ook. Maar ook voorbeelden in Kenia, Namibië, Malawi, India, Mexico, Brazilië en zelfs in Canada laten stuk voor stuk positieve resultaten zien. Met ‘gratis’ geld worden mensen ineens in staat gesteld om hun droom waar te maken. Of het geld nu gratis is of niet, net iets meer armslag hebben uit onverwachte hoek maakt weldegelijk gelukkig blijkt uit allerlei voorbeelden.

Onderzoeksgegevens uit Zwitserland
Gelijktijdig met de berichten over het referendum komt de Technische Hogeschool ETH uit Zürich met onderzoeksgegevens over het basisinkomen naar buiten. De ETH onderzocht de achtergrond van de tegenstelling tussen de voor- en tegenstanders van het onvoorwaardelijk basisinkomen. De conclusie van het onderzoek wijst uit dat de manier waarop mensen aankijken tegen rechtvaardigheidsgevoel en hun drijfveer en doel in het leven, bepaalt of ze voor of tegen een onvoorwaardelijk basisinkomen zijn.

ETH: Wat zou jij doen met een basisinkomen?

De voorstanders van het onvoorwaardelijk basisinkomen vinden vooral gelijkheid in de samenleving en persoonlijke groei belangrijk. Terwijl de tegenstanders vooral waarde hechten aan rijkdom, imago en persoonlijk prestige en daarmee de ongelijkheid tussen individuen als gegeven beschouwen als deze gebaseerd is op individuele prestaties. Het onderzoek liet ook zien dat over het algemeen de tegenstanders betere banen hadden en een hoger inkomen genoten.

Participatiesamenleving
Dat de sociale zekerheid sterk verbonden is met arbeid blijkt vooral uit onze uitkeringen. Iemand krijgt een werkloosheidsuitkering als zijn werk wegvalt en het pensioen is opgebouwd vanuit arbeid. Vervalt iemand in de bijstand dan blijft beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt het uitgangspunt. Juist de sociale zekerheid is sterk aan verandering onderhevig. Enerzijds staat de betaalbaarheid onder druk en aan de andere kant is de arbeidsmarkt uiterst onzeker aan het worden.

De toekomst van arbeid is een belangrijk motief achter de invoering van een basisinkomen. De tegenstanders zeggen: “je moet werken voor je geld” dus van ‘gratis’ geld kan geen sprake zijn. Maar juist de voorstanders kijken naar gelijkheid in de samenleving en ontplooiing van het individu. In mijn ogen de enige juiste houding om naar een participatiesamenleving te komen.

Interview voor Radio2
Dat mensen mij inmiddels ook weten te vinden als het gaat om basisinkomen is de afgelopen week weer bevestigd. Ik was voor mijn partij De Groenen (groot voorstander van het basisinkomen) afgereisd naar het Euro Parlement in Straatsburg voor een bezoek aan de Europese Groenen in verband met de Europese verkiezingen van 2014. Uitslapen in het hotel was er niet bij want om kwart voor 7 werd ik gebeld door Wendy Beenakker van het programma “De Heer ontwaakt” op radio2 met de vraag of ik commentaar wilde geven op het referendum over het basisinkomen in Zwitserland. Een leuk interview op Radio2 was het gevolg waarbij ik het belang van het EU Burgerinitiatief Basisinkomen in brede kring onder de aandacht kon brengen.

Kortom: hoewel we nog lang niet de benodigde handtekeningen hebben voor het burgerinitiatief basisinkomen neemt de belangstelling zienderogen toe, vooral ingegeven door de beschikbaarheid van onderzoeken en voorbeelden. En dat is absoluut goed nieuws. Wat mij betreft moet het er nu maar van gaan komen. Willen we belangrijke ontwikkelingen in ons bestaan in goede banen leiden dan hebben we instrumenten nodig om dat mogelijk te maken. Het basisinkomen is zo’n instrument, zeker geen doel op zich, maar een hulpmiddel om onze wereld te helpen omvormen. Help mee de hekken wagenwijd open te zetten!

Teken hier het Burgerinitiatief Basisinkomen.

maandag 30 september 2013

Vrouwen Vrede en Recht

Het Vredespaleis in Den Haag bestaat dit jaar 100 jaar en is wereldwijd uitgegroeid tot een tastbaar symbool van Vrede en Recht. De Oostenrijkse vredesactiviste Bertha von Suttner, heeft een belangrijke invloed gehad bij de totstandkoming van het Vredespaleis. Hoe is het na honderd jaar gesteld met de positie van vrouwen op het terrein van Vrede en Recht?

Tijdens de eerste Vredes- conferentie die in 1899 in Den Haag werd gehouden was Bertha von Suttner aanwezig als toeschouwer. Hoewel zij toen al jaren actief was in de vredesbeweging mocht zij als vrouw niet aan de officiële conferentie deelnemen. Daarom organiseerde zij een Salon voor vredesactivisten in het Kurhaus in Scheveningen. In haar voetsporen vond 21 september 2013 een Salon plaats getiteld: “Vrouwen, Vrede en Recht”, enerzijds om de stand van zaken rondom de vredesbeweging te bediscussiëren en anderzijds om een resolutie op te stellen met conclusies en actiepunten.

In 1905 werd het werk van von Suttner erkend en ontving zij als eerste vrouw de Nobelprijs voor de Vrede. Zij wordt met name geroemd om haar boek “Die Waffen nieder” uit 1889. Hierin neemt zij stelling tegen het militarisme en is pleitbezorger voor de vreedzame aanpak van conflicten. Ook is zij een fel voorstander van Europese samenwerking om oorlog in Europa uit te bannen. Nog altijd is haar gedachtegoed relevant en actueel.

Het recht van vrouwen
In honderd jaar is er zeker wat gebeurd ten aanzien van de rechtspositie van vrouwen. Mocht toentertijd Bertha von Suttner niet officieel deelnemen, thans is dat geen enkel probleem en zijn veel vrouwen actief in de vredesbeweging. Ook het vrouwenkiesrecht was nog niet ingevoerd, dat gebeurde pas in 1917. De rechtspositie van vrouwen wordt pas echt beter als in 1957 vrouwen handelingsbekwaam verklaard worden. Maar tot op de dag van vandaag is er nog een lange weg te gaan voor de gelijkheid van vrouwen ten opzichte van mannen.

Nog altijd verdienen vrouwen in vergelijkbare functies en omstandigheden minder dan mannen, terwijl ze vaak hoger opgeleid zijn. Toch weten zij hun voorsprong op dit gebied niet afdoende te benutten. Vrouwen werken ook vaker dan mannen in deeltijdbanen. Een belangrijke vooruitgang is dat het aantal vrouwen dat in eigen onderhoud kan voorzien nog sterk stijgt.

Salon in het Kurhaus
De Salon werd aangevangen door Bertha von Suttner, vertolkt door actrice Anita Poolman, die terugblikte op haar leven en alle aanwezigen een vruchtvolle Salon toewenste. Na een aantal korte inleidingen door vertegenwoordigers van de initiatiefnemende organisaties werden aan 11 ronde tafels verschillende thema’s behandeld. Ik mocht zelf een van de tafels voorzitten met het onderwerp “Onvoorwaardelijk Basisinkomen” alwaar een pittige discussie plaatsvond.

Het aantal conclusies en actiepunten is te omvangrijk om hier te vermelden. Een aantal observaties wil ik toch met u delen. Een van de tafels had tot doel het gedachtegoed van Bertha von Suttner in moderne vorm in ere te houden. Het actiepunt was zeer verrassend. Het betreft een oproep aan alle ontwikkelaars van computergames om in plaats van gewelddadige spellen games te ontwikkelen waarbij ontwapening centraal staat. Een conclusie van een andere tafel was dat sinds 9/11 het aandachtspunt van veiligheid in de wereld van landen in oorlogssituaties verschoven is naar de veiligheid van het Westen. Hierbij zijn vooral de kwetsbare groepen als vrouwen en kinderen de dupe.

Vrouwen en democratie
De conclusie van mijn eigen tafel was: het basisinkomen is een fantastisch instrument dat vooral recht doet aan vrouwen en wat de mogelijkheid biedt om van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving te komen met een flinke impuls voor een nieuwe duurzame economie. Als actiepunt riep onze tafel op om het burgerinitiatief basisinkomen te ondertekenen zodat het door de politiek serieus genomen wordt.

Jolanda, Hanneke, Gerda
De tafel waar vrouwen en democratie centraal stond kwamen tot de conclusie dat vrouwenzaken nog altijd belangrijk zijn en dat  vrouwen vooral solidair naar elkaar moeten zijn. In plaats van elkaar in de haren te vliegen is het verstandiger de energie te bundelen en in te zetten voor een veilige, solidaire, duurzame planeet.

Op naar de volgende Salon
De resolutie werd overhandigd aan Anne Lay, voorzitter van het Defensie Vrouwen Netwerk (DVN), zij verving de Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert, die zich liet verontschuldigen. Zij beloofde de deelnemers aan de Salon de conclusies en actiepunten breed onder de aandacht te brengen.

De initiatiefnemers waren zeer ingenomen met de uitkomsten van de Salon, zij gaven aan dat de Salon niet op zichzelf staat maar een vervolg gaat krijgen. We zijn benieuwd.

zaterdag 14 september 2013

De voldoening van het zelf maken

Verantwoordelijk zijn voor het verbouwen van je eigen voedsel heeft zo zijn voordelen. Veel mensen zien dat in en hebben de weg naar de moestuin gevonden. Waar komt die drang ineens vandaan?

Oogst - Eigen foto

Het lijkt wel of heel Nederland de afgelopen twee jaar aan het moestuinieren is geslagen. Ik hoef maar in te loggen op social media of ik zie allerlei foto’s van eigen verbouwde groente en fruit en gerechten gemaakt van eigen kweek. Of lijkt het maar zo en komt het omdat ik er zelf intensief mee bezig ben?

Bij mij is de liefde voor de tuin al heel vroeg ontstaan. Op de ‘lagere school’ heb ik twee jaar een schooltuin gehad. Het is geweldig om na een paar maanden hard ploeteren je eerste groente mee naar huis te kunnen nemen. Bij mij was dat sterkers en radijs. Zelf vond ik het niets maar mijn moeder smulde ervan en dat was al heel wat waard.

Belangstelling neemt toe
Door de jaren heen ben ik altijd aan het kweken geweest, van kamerplant tot eigen voedsel. Heel gelukkig was ik toen ik verhuisde naar mijn huidige woning waar al een fruitboomgaard en een kleine kas aanwezig waren en daarnaast nog volop ruimte voor een moestuin. Vooral de laatste jaren is mijn moestuin flink gegroeid. Vanwege de crisis heb ik helaas minder werk dus meer tijd over voor de tuin. Maar het lijkt wel of iedereen er nu mee bezig is.

De opleving van de moestuin is het gevolg van een aantal ontwikkelingen. Zo hebben steeds meer mensen oog voor het milieu waardoor velen vegetarisch en biologisch zijn gaan eten. Mede ingegeven door de crisis zien we dat steeds meer mensen het huidige economische systeem in twijfel trekken en kiezen voor een meer zelfvoorzienende levensstijl. Verder voedt de informatievoorziening de twijfel over de gezondheid van ons voedsel en komen mensen in opstand tegen genetische manipulatie (GMO) en DNA-pattentering van onze gewassen door bedrijven als Monsanto en het verbod op vrij zaaigoed.

Eerlijke voeding
We lijken de grip op de herkomst en de gezondheid van ons voedsel - onze eerste levensbehoefte - kwijt te raken. Veel van onze kinderen kennen de herkomst van het voedsel niet meer. Ze weten nog wel waar een ei vandaan komt, maar met melk wordt dat al een stuk lastiger als ze nooit van dichtbij een koe hebben gezien. Helemaal lastig is de herkomst van tomaten, groenten en fruit, tot ze er zelf mee aan de slag gaan. Ik ben van mening dat de terugkeer van de schooltuin kinderen van heel problemen zal verlossen.


Sluipenderwijs is, met de komst van het feminisme waardoor meer vrouwen gingen werken en minder tijd hadden om te koken, gemaksvoeding het uitgangspunt geworden. Gemakkelijk en snel en alles kant-en-klaar uit de supermarkt. In antwoord daarop is nu een duidelijke tegenbeweging zichtbaar, waarbij de liefde voor voeding weer snel terrein wint. Op tv zien we de kookprogramma, met 24Kitchen als apart tv-kanaal, de trend Slow cooking en diverse kookwedstrijden voor amateurs. Ook moestuinen in de stad zijn mateloos populair aan het worden, maar ook tuinieren op de vierkante meter en kweken binnenshuis. Een mooi initiatief is de moestuin in Eindhoven ten behoeve van de voedselbank. Maar ook de opkomst van de buurtmoestuinen waardoor vooral de binding met de samenleving wordt versterkt.

Duurzaam ondernemen
Veel zichzelf respecterende bedrijven die iets aan duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen willen doen zijn de laatste jaren aan de slag gegaan met eerlijke voeding. Steeds meer biologische en Fairtrade producten zijn gewoon in de supermarkt te koop. Dat ook daarmee niet alles is gezegd blijkt uit het AH Puur&Eerlijk label van Albert Heijn, waar de laatste tijd veel over te doen is. Maar dat neemt niet weg dat ons eetgedrag op een positieve wijze in de belangstelling staat. Een goede ontwikkeling.

Maar het allerbelangrijkste: het geeft zoveel voldoening om je eigen gekweekte bloemkool en snijbonen op tafel te zetten en je boterham te besmeren met zelfgemaakte jam. Alleen daardoor smaakt het eten al 10 keer lekkerder. En dat is nog niet alles het is ook nog eens gezond vanwege de lichaamsbeweging die het met zich meebrengt.

Voordelen van een eigen moestuin:
· Je weet waar het vandaan komt
· Geen bestrijdingsmiddelen
· Geen GMO
· Milieusparend: minder vervoersbewegingen
· Idem: minder verpakkingsmateriaal nodig
· Gevoel van onafhankelijkheid, zelfvoorzienend
· Het zorgt voor lichaamsbeweging
· Het is goedkoper


donderdag 5 september 2013

Inspelen op de actualiteit

Onze samenleving is sterk in verandering. Alles gaat zo snel dat het vaak lastig te volgen is wat er gebeurt en wat we er mee moeten. Hoe kunnen we inspelen op alle duurzame ontwikkelingen en wat kunnen wij zelf doen om grip te krijgen op de onzekere toekomst?

Duurzaamheid is een trend die niet meer weg te denken is. Van alle kanten horen we geregeld slimme tips en trucs over energiebesparing. Goed voor de planeet en goed voor de portemonnee. Dus er aandacht aan geven loont de moeite. Toch hebben we niet altijd tijd of zin om ons erin te verdiepen. En dan heb je alleen jezelf ermee. Lastiger is het als je zelf iets wilt veranderen maar je weet niet waar je moet beginnen. Hoe kom je aan de juiste informatie?

Schaliegas
Als veranderingen in de toekomst liggen, waar we nu iets aan moeten doen, maar waarvan de effecten niet snel zichtbaar zijn, zoals het opraken van bepaalde grondstoffen, is de actiebereidheid klein. We weten inmiddels dat we niet eindeloos olie uit de grond kunnen blijven pompen om onze economie draaien te houden. Dus moeten we alternatieven verzinnen en keuzes maken. 
 
Een onderwerp wat nu veel stof doet opwaaien is de door het kabinet gewenste proefboring naar schaliegas. Hoe betrouwbaar is de beschikbare informatie? Is het schadelijk? Of hebben we juist een proefboring nodig om daar achter te komen? De echte vraag hierbij zou moeten zijn: “Gaan we door op de oude manier en blijven we verslaafd aan olie of omarmen we structureel duurzame oplossingen?” Als we dat weten kunnen we pas echt actie ondernemen.

Inspiratie
Het blijft dus lastig om te volgen wat er speelt en wat onze rol daarin kan zijn. Toch gebeurt er veel, kijk maar wat er al in je eigen omgeving speelt. De buurtprojecten schieten als paddenstoelen de grond uit, het ‘Repair Café’ bloeit, stadstuinieren is hip, kledingruilbeurzen en de kringloopwinkels doen het goed, marktplaats is nog nooit zo groot geweest en er zijn websites als ‘Peerby.com’ om op lokaal niveau spullen van elkaar te lenen. Ook het bedrijfsleven ziet kansen. De lease jeans is hiervan een mooi voorbeeld evenals de duurzame supermarkt.

Al deze initiatieven zijn ontstaan doordat mensen geïnspireerd zijn geraakt door verhalen van anderen en hun creativiteit hebben aangesproken om zelf iets te doen voor de buurt, de medemens of de planeet. We hoeven niet te wachten tot de overheid met oplossingen komt, we kunnen gewoon vandaag al aan de slag gaan. Inspelen op de actualiteit is luisteren naar de verhalen en eruit halen wat bij jou past.

Wil je geïnspireerd raken en je duurzame ambities waarmaken? Kom dan naar onze ‘Inspiratie Bijeenkomst’. Hier staan de verhalen en de voorbeelden centraal en gaan we samen aan de slag om een duurzame samenleving in te richten, waardoor we grip krijgen op onze toekomst.

5 tips om je duurzame ambities waar te maken:
1. Speel in op de actualiteit
2. Doe het samen
3. Durf te kiezen
4. Wees het verschil
5. Draag het uit

Wil je meer weten lees dan mijn eerdere blogje  'Waar halen we onze inspiratie vandaan?'.

dinsdag 13 augustus 2013

Waar halen we onze inspiratie vandaan?

De wereld is in transitie. De enige zekerheid is dat niets onveranderd blijft. Maar omdat de veranderingen in zo’n razend tempo voorbij komen is het lastig om de eigen koers te bepalen. Toch is het mogelijk om onze ambities waar te maken.

Sinds de film ‘An Inconvenient Truth’ van Al Gore in 2006 zijn we wakker geworden en doordrongen van het feit dat we maar een aardbol bezitten waar we zuinig mee om moeten springen. Het besef dat onze kinderen ons in de toekomst ter verantwoording kunnen roepen betreffende de puinhoop die we hebben achtergelaten als we niets doen, heeft een impuls gegeven aan het begrip duurzaamheid.

Duurzaamheid is niet meer slechts een onderwerp voor klimaatwetenschappers en milieuactivisten. Steeds meer burgers zetten zich in voor een duurzame samenleving. Er zijn voorbeelden genoeg. Kijk eens naar je eigen voetafdruk en probeer die te verbeteren. Laat eens wat vaker je auto staan en reis met de fiets of het openbaar vervoer. Verspil minder eten door afgepaste hoeveelheden te bereiden. Eet eens een dag geen vlees. Neem een tas mee als je gaat winkelen zodat je geen plastic zakken hoeft te accepteren.

People, planet, profit
Ook bedrijven denken na over hun maatschappelijke rol en gaan maatschappelijk ondernemen. Zij kunnen aan de slag met het verduurzamen van het energiebeleid, het vervoersbeleid, duurzaam inkopen, zoals lokaal of Fairtrade, het verminderen van gebruik van verpakkingen en afvalstoffen. Nog groter is de impact als er samengewerkt wordt in de keten tussen ondernemers onderling. Juist daar zijn de grootste voordelen te behalen. Vooral als de samenwerking leidt tot duurzame innovaties.

Maar duurzaamheid heeft niet alleen een technische of een procesmatige kant. Het gaat ook over omgaan met mens en dier. Goed werkgeverschap leidt tot gezondere werknemers en minder verzuim. Dierenwelzijn betekent dat we weer koeien in de wei zien staan. De zorg voor onze naasten en de sociale gemeenschap heeft positieve effecten op de gezondheidszorg. Maar het gaat ook over eerlijke verdeling van grond en –stoffen en de gevolgen daarvan voor de armoede in de wereld.

Inspiratie
Hoewel duurzaamheid steeds meer een gewoon onderdeel wordt van ons dagelijks leven, is het toch niet altijd zo eenvoudig om op alle veranderingen in te spelen. Gebrek aan de juiste informatie, of juist de overvloed aan informatie en de waan van de dag weerhoudt ons ervan om onze ambities waar te maken. Daarom is het belangrijk om er geregeld bij stil te staan en met anderen over van gedachten te wisselen.

Soms denken we dat we een te klein radertje in het geheel zijn om daadwerkelijk iets te kunnen veranderen, maar als we allemaal zo denken dan komen we er ook niet. Daarom is persoonlijk actie nemen, je nek durven uitsteken en het goede voorbeeld geven van groot belang. Slechts één persoon met lef hoeft op te staan om het verschil te maken. Die ene persoon die zijn nek durft uit te steken inspireert anderen om hetzelfde te doen.

Actie nemen
Wat is er voor nodig om uw ambities in actie te zetten?
Jolanda Verburg
Jenny Senhorst
Samen met Jenny Senhorst heb ik een werkvorm bedacht om ondernemers en duurzame voortrekkers te inspireren en een zetje te geven om het verschil te maken. Op donderdag 12 september organiseren wij onze inspiratie picknick ‘Duurzaam Vernieuwen’. Op een mooie groene locatie vertellen wij over trends en ontwikkelingen en gaan we concreet aan de slag om uw duurzame ambities om te zetten in concrete productideeën en diensten.

Om vast wat inspiratie op te doen hebben we 5 tips geformuleerd om aan de slag te gaan. In de komende 5 blogjes zetten we de tips uiteen. Nieuwsgierig geworden naar onze aanpak? Doe mee en ga naar: meer informatie.

maandag 5 augustus 2013

De sociale effecten van een basisinkomen

OPINIE - Een onvoorwaardelijk basisinkomen brengt verschillende sociale effecten. Mensen zijn geen loonslaven meer, vrouwen worden zelfstandiger en vrijwilligerswerk wordt niet meer bestraft door een korting op de uitkering, betoogt Jolanda Verburg.

Onze samenleving is in transitie. De overgang van het industriële naar het digitale tijdperk is in volle gang maar gaat niet zonder slag of stoot. We zijn in verwarring door de chaos en onzekerheid die het met zich mee brengt. Zelfs de politiek heeft weinig antwoorden op de verandering, terwijl er wel instrumenten zijn.

Een groot probleem is dat gevestigde politieke partijen blijven vasthouden aan wat er is. Het roer omgooien is een groot risico, want als ze onvoldoende de relevantie van nieuwe ontwikkelingen weten over te brengen aan het electoraat dan kan het desastreuze gevolgen hebben voor de partij. Daarom is een instrument als het onvoorwaardelijk basisinkomen nog niet ingevoerd.

Toch heeft het basisinkomen zowel in de jaren ’80 als in de jaren ’90 op de politieke agenda gestaan, vooral bij de partijen aan de rechterflank van het politieke spectrum. Zij zien in dat het vrijheid biedt aan de burger en dat het de overheid kan ontlasten en waardoor overheidsuitgaven worden bespaard. De linkse partijen daarentegen beschouwen de burgers nog te vaak als onmondig, niet deskundig en hulpbehoevend, resulterend in de bevoogdende rol van de overheid “die wel weet wat goed is voor haar burgers.”

Terugtredende overheid
De overheid wil dat we meer zelfredzaam worden, daarom wordt de verzorgingsstaat in rap tempo afgebouwd. Niet alleen omdat het niet meer betaalbaar is, maar ook omdat we er aan toe zijn om onze eigen keuzes te maken. Maar om zelfredzaam te worden, is een minder complexe samenleving nodig. Dat betekent dat wetten en regels eenvoudiger of zelfs afgeschaft moeten worden. Maar het lijkt wel of we verstrikt zitten in een net waar we niet meer uitkomen. Heel paradoxaal is de regeldruk onder Rutte eerder toe- dan afgenomen is.

Ik heb zelf ervaren hoe ingewikkeld bepaalde regelingen zijn. Een paar jaar geleden moesten mijn man en ik online de kinderopvangtoeslag regelen. Wij, allebei hoog opgeleid, zijn toen bijna een halve dag bezig geweest om alle informatie boven water te krijgen om de site voor de vooraftrek in te vullen. En nog afgelopen week werd bekend dat de zorgkosten voor gehandicapten aanzienlijk gestegen zijn. Volgens het SCP is dit toe te schrijven aan het feit dat onze samenleving steeds ingewikkelder wordt waardoor mensen die afwijken van de norm meer hulp nodig hebben.

En dan te bedenken dat er een schitterende oplossing is in de vorm van het basisinkomen om de regeldruk van de overheid te verminderen, doordat allerlei subsidies, uitkeringen en toeslagen wegvallen, wat ook nog eens besparend werkt omdat de controle daarop vervalt. Het basisinkomen immers legt de verantwoordelijkheid bij de burger zelf neer en geeft meer vrijheid en eigen zeggenschap.

Vast in het arbeidsmarktsysteem
Hoeveel mensen zitten niet gevangen in een uitkering, in een huwelijk, in een ziekte of arbeidsongeschiktheid, vast aan een hypotheek of een lening en vooral, hoewel we dat vaak niet willen toegeven, vast in hun werk? Door de industriële revolutie zijn we loonslaven geworden, vrije mensen maar zonder productiemiddelen (grond en kapitaal). We moeten inmiddels doorwerken tot we 67 jaar zijn terwijl we met 45 jaar al te oud zijn voor de arbeidsmarkt. Dus waar halen we inkomen vandaan als er niet voldoende werk is?

Als we vastlopen in ons werk zijn we vaak niet in de gelegenheid eruit te stappen. Bestaanszekerheid en ego weerhoudt ons daarvan. Minder werken is vaak geen optie, dat schaadt de carrièrekansen. Zou het niet fijn zijn om, al is het maar tijdelijk, daaruit te kunnen ontsnappen? Alleen al de mogelijkheid zal de stress doen afnemen. Er moet nog wel heel wat aan het imago van werk veranderen, maar ik ben er van overtuigd dat het basisinkomen hieraan een grote bijdrage kan leveren. Het zal zeker het aantal arbeidsongeschikten omlaag brengen.

Basisinkomen doet recht aan vrouwen
Ieder mens heeft recht op bestaanszekerheid. Werk is geen basisbehoefte, een inkomen wel. De invoering van een basisinkomen geldt voor iedereen dus ook voor mensen die nu totaal geen eigen geld in handen krijgen, zoals vrouwen zonder baan die het huishouden runnen. Ondanks dat de arbeidsdeelname van vrouwen in de afgelopen jaren flink is toegenomen ligt hun economische zelfstandigheid toch nog beduidend lager dan bij de mannen. Slechts 52% is zelfstandig tegen 74% van de mannen. Niet alleen werken vrouwen vaker in deeltijd maar -alle inspanningen ten spijt- vrouwen verdienen in vergelijkbare posities nog altijd minder dan mannen. En dat ligt niet aan de opleiding en vaak ook niet aan de ervaring.

Het doorbreken van de culturele rolpatronen is en blijft hardnekkig. Daarom ook vallen vrouwen eerder in de verzorgende rol dan mannen. Met een basisinkomen krijgen vrouwen meer armslag en daarmee meer zeggenschap over hun eigen leven. Naar verwachting zal het ook de discussie bij scheidingen eenvoudiger maken omdat in veel gevallen geen alimentatie meer hoeft te worden betaald, iedereen inclusief de kinderen krijgen immers een basisinkomen.

Een uitkering is een gunst, een basisinkomen een recht
Er zit iets scheef in de manier waarop we tegen arbeid aankijken dat komt mooi tot uitdrukking in het akelig reclamespotje: ‘Doet u vrijwilligerswerk, dan kan dat gevolgen hebben voor uw uitkering.’ Als je een uitkering geniet dan moet je beschikbaar zijn voor betaald werk en mag je geen andere activiteiten ontplooien. Een uitkering is een gunst. In ons huidige systeem worden mensen die betaalde arbeid verrichten hoger gewaardeerd dan mensen die niet werken of een uitkering ontvangen. Zoals de Britse filosoof Alain de Botton zegt: ‘De moderne held is een werkende held.’

Toch is er een grote groep mensen die onbetaalde arbeid verrichten ten dienste van de gemeenschap zoals vrijwilligers, mantelzorgers of ouders die voor kinderen zorgen. Schattingen lopen zeer uiteen maar er wordt wel eens gezegd dat van alle arbeid die verricht wordt minder dan de helft betaalde arbeid betreft. Dus als niemand meer onbetaalde arbeid verricht staat onze samenleving in een klap behoorlijk stil. Net als bij vrouwen doet het basisinkomen recht aan al die mensen die zich onbaatzuchtig inzetten voor een ander. In feite moeten arbeid en inkomen losgekoppeld worden van elkaar.

Laten we wakker worden en nu eindelijk het heft in eigen hand nemen. Door lef te tonen en de paradigmaverschuiving te omarmen in plaats van ons ertegen te verzetten zijn we in staat om de transitie in goede banen te leiden en uit de chaos te komen, de invoering van het basisinkomen kan ons daarbij helpen. Vooral de kleinere politieke partijen staan te popelen om ermee aan de slag te gaan. Nu de kiezers nog.

Jolanda Verburg is zelfstandig organisatieadviseur en veranderaar, lid van de Vereniging Basisinkomen en politiek actief voor De Groenen. Ze is actief op twitter en op facebook. Ze schrijft regelmatig over basisinkomen op haar eigen blog.

Deze blog is eerder gepubliceerd op Sargasso en is één op één overgenomen.


maandag 8 juli 2013

De groene droom

Hoewel nog bijna een jaar te gaan wordt door de verschillende politieke partijen al weer hard gewerkt aan de verkiezingen voor het Europees Parlement van 2014. Zo ook de European Green Party (EGP) met als insteek: “Groen als kans voor een nieuw economisch Europa”.
 
Khaled Sakhel, Jolanda Verburg en Otto ter Haar
 
De ambities en het enthousiasme voor de gezamenlijke Europese verkiezingen van de Groene Partijen, vertegenwoordigd in de EGP, zijn groot. Nagenoeg alle 34 leden, waaronder De Groenen, kwamen op 7 maart bijeen in Brussel voor de aftrap van de “EU Election Campaign 2014”. Tijdens deze meeting werden de ideeën voor de campagne toegelicht en kreeg ieder lid de gelegenheid de eigen visie te delen.

De groene transitie
Het zullen geen gemakkelijke verkiezingen zijn. De crisis heeft de kritische houding van de burger richting de EU vergroot. Ook de verhouding tussen de noordelijke en zuidelijke EU-lidstaten staat op scherp. Binnen de EGP echter is daarvan niets te merken. De ‘Groene Familie’ deelt een gezamenlijke ambitie: de verwezenlijking van een Groen Europa. Alleen samen kunnen wij dat tot stand brengen. Integratie en solidariteit van de betrokken lidstaten is daarbij een belangrijk voorwaarde.

De gedeelde ‘groene droom’ waarbij welvaart belangrijker is dan economische groei, is de enige kans om het tij van de crisis te keren. Investeren in een groene circulaire economie betekent nieuwe banen in Europa en biedt kansen om de opkomende industrieën het hoofd te bieden. De beslissing daarover is niet aan de politiek maar aan de burgers die een keuze moeten maken voor de toekomst. Daarom is het van groot belang om de groene transitie met de juiste boodschap bij de burgers te krijgen. Een hele uitdaging!

De groene campagne
In de achterliggende jaren hebben de Europese Groenen niet stil gezeten. Verschillende onderwerpen zijn nader uitgewerkt in een lange termijn visie: The Green New Deal (GND). Zoals bescherming van ons voedsel zonder genetische modificatie (GMO), bevorderen van duurzame energiebronnen, armoedebestrijding (ook in Europa!) en een groene en sociale economie. Zelf was ik betrokken bij de totstandkoming van het deel over pensioenen.

Aan de hand van een duidelijke planning en een strak tijdschema zijn tijdens de 18e EGP Council in Madrid, die plaatsvond van 10 tot 12 mei, de laatste beslissingen genomen waarmee de verkiezingscampagne van start is gegaan. Deze zomer staat in het teken van de uitwerking van de campagne in detail. Naast de inhoud zal ook de herkenbaarheid van een of meerder personen de campagne gaan bepalen.

De groene toekomst
Speciale aandacht in een groen Europa is voor jongeren en vrouwen. Tijdens het congres waren beide doelgroepen ruim vertegenwoordigd en onderwerp van gesprek. Vooral de enorme jeugdwerkloosheid door de huidige crisis, in sommige landen zelfs opgelopen tot 50%, verdient extra aandacht om te voorkomen dat er een ‘verloren generatie’ ontstaat.
Ook gelijke kansen voor vrouwen staat hoog op    de agenda via het       ‘Get women on Board’ programma. Waarin benadrukt wordt dat meer vrouwen in de top van het bedrijfsleven een rol moeten krijgen voor een betere afspiegeling van de samenleving resulterend in een betere balans in het economisch handelen. Maar het programma richt zich vooral ook op de vrouwelijke kiezers die bij verkiezingen vaker zwevend zijn en hun gevoel laten meespelen bij hun afweging.

Alleen de oudere generatie was niet echt vertegenwoordigd, maar dat zij van zich laat horen werd mij wel duidelijk. Op mijn wandeling door het centrum van Madrid stuitte ik op een demonstratie. Vergezeld van politie liet een groep keurige mensen, duidelijk van wat oudere leeftijd, haar ongenoegen blijken met het huidige beleid in Spanje.

De Groenen en basisinkomen
Op 22 mei 2014 zullen De Groenen zelfstandig aan de Europese verkiezingen deelnemen. Op initiatief van De Groenen is in een aantal gesprekken samenwerking met GroenLinks voorgesteld, maar helaas zijn de onderhandelingen op niets uitgelopen. Een belangrijk onderdeel van de campagne van De Groenen zal liggen bij het individueel en onvoorwaardelijk basisinkomen voor iedereen. Wij roepen iedereen op om deel te nemen aan de voorbereidingen van de EU-verkiezingen. Iedereen telt mee en alle hulp is welkom.


Deze column is eerder gepubliceerd in Gras nr. 54, juni 2013, de nieuwsbrief van De Groenen.

vrijdag 5 juli 2013

Ode aan mijn moeder


Het is vandaag de geboortedag van mijn moeder. Een dag voor een feestje zou je denken, maar helaas is ze er niet meer. Te vroeg, te jong nog, is ze overleden aan longkanker. Ieder jaar heb ik het moeilijk op deze dag evenals op haar sterfdag op 30 november.

Bij het wakker worden dringt het gevoel van gemis al tot mij door. Het pakt mij bij de keel en vormt een bal in mijn maag. De hele dag ben ik emotioneel en zijn de tranen heel dichtbij. Ik laat het toe omdat het ook iets moois heeft. Het gevoel van onvoorwaardelijke liefde is dan heel tastbaar en heel dichtbij. Op die dag is zij er, heel dicht bij mij!

Mijn moeder is een jaar ziek geweest en wist dat ze ging sterven. In dat jaar is ze zo enorm sterk geweest daar konden wij allemaal een voorbeeld aan nemen. Als rots in de branding, die zij altijd geweest is, bood zij troost aan ons en aan al haar familie en vrienden.

Op een dag in haar ziektejaar hing er ineens een klein tekstje op haar koelkastdeur. Dat vond ze zo mooi. Heel toepasselijk omdat ze enorm van tuinieren hield (dat heb ik dus van geen vreemde). Uiteindelijk hebben wij dat met haar goedkeuring bovenaan de rouwkaart gezet. De tekst luidt als volgt:

God keek rond in zijn tuin
en zag een lege plaats.
Toen keek hij neer op onze aarde
en zag jouw moe gelaat.
Hij deed zijn armen om je heen
en nam je mee om uit te rusten.
Gods tuin moet wel prachtig zijn;
Hij neemt alleen de beste.

Lieve mam, je was een kanjer! Al ben je er al zoveel jaren niet meer en heb je mijn man en kinderen nooit ontmoet, ik voel dat je er altijd bent. Ik hou van je. En ik weet dat als mijn tijd gekomen is ik je weer zal zien!

maandag 24 juni 2013

Genoeg is genoeg

Het grootste verschil met de crisis in de jaren ’30 van de vorige eeuw is dat we nu bulken van de spullen. Wordt het niet hoog tijd om onze vergaarde welvaart terug te brengen tot het punt dat ons welzijn weer de overhand krijgt in plaats van dat de zucht naar welvaart ons leven beheerst?

Al sinds de Club van Rome in 1972 het rapport uitbracht getiteld “Grenzen aan de groei” weten we dat we niet op huidige manier door kunnen gaan met ons consumptiepatroon. Om de simpele reden dat onze natuur de extra consumptie niet aan kan. Niet alleen zullen op niet al te lange termijn de natuurlijk hulpbronnen, zoals olie, hun einde bereiken, ook de vervuiling die onze consumptie met zich meebrengt legt een grote druk op wat de natuur aan kan.

Het rapport toonde aan dat er grenzen zijn aan economische bedrijvigheid. Ook de natuur laat inmiddels zien dat er grenzen zijn aan de groei. De groei verloopt in cycli van bloei via wasdom tot afbraak naar nieuwe bloei. We hoeven maar naar de vier seizoenen te kijken om dat te beseffen. Niets groeit verder dan dat en kent altijd bepaalde grenzen. Als kind wordt je er al mee geconfronteerd, je goudvis wordt niet veel groter dan toen je hem kreeg. Iedere dag zwemt hij zijn vaste rondje in zijn kom. Maar zodra je hem in een vijver in de tuin te water laat blijkt dat hij groter kan worden dan in een kom. De beweegruimte is bepalend voor zijn lengte. En waarom zijn de dinosauriërs eigenlijk uitgestorven?

De natuur kent haar eigen wetten. Maar helaas zijn wij zo van de natuur vervreemd dat wij die wetten niet meer zien en voelen. Met het cartesiaans denken is niet alleen de geest uit ons systeem verbannen maar ook onze verbondenheid met de natuur. Wij zijn de natuur als beheersbaar en exploiteerbaar gaan beschouwen. En daar zijn grenzen aan, zoals de Club van Rome vaststelde.

Genoeg is genoeg
Moeten wij nu onze welvaart dan maar inleveren? Nee, natuurlijk niet maar met iets minder genoegen nemen daar is helemaal niets mis mee. Als de opkomende economieën dezelfde welvaart willen bereiken als wij dan hebben we straks twee of misschien wel drie aardbollen nodig. Inperken van de consumptie van de groeiende middenklasse in die opkomende landen is ook geen optie dat brengt slechts discussie en onrust. Wij moeten bij onszelf beginnen.


Onze welvaart is de afgelopen decennia enorm gestegen, maar onderzoek wijst uit dat ons gevoel van welzijn daarbij achterblijft. De Brits hoogleraar economie Richard Layard heeft dat mooi opgetekend in zijn boek: “Happiness”. Wij zijn meegegaan in de waanzin van de alsmaar stijgende welvaart. De hebzucht naar meer heeft het slechtste bij ons naar boven gehaald. Tijd om weer tot onszelf te komen, ons niets aan te trekken van wat een ander heeft maar tevreden te zijn met wat we hebben. Vooral aan immateriële zaken, want alleen daar ligt welzijn te behalen niet in wat we bezitten.

De menselijke maat
Toch leven we in overvloed, alleen is er sprake van een enorm keuzeprobleem. Er wordt gesuggereerd dat er nergens meer geld voor is, terwijl er toch nog iedere keer geld genoeg is als dat nodig is. Kijk maar naar de miljarden waarmee de ene bank na de andere gered wordt. Ondertussen moeten mensen in de zorg in steeds minder tijd hulp bieden aan ouderen en zieken waardoor het sociale contact volledig tekort schiet, met als gevolg dat deze groep steeds verder vereenzaamt.

De crisis die in 2008 begon met de val van de Amerikaanse bank Lehman Brothers laat ons haarfijn zien dat de economische groei van vooral de jaren ’90 waarin alles leek te kunnen zijn grenzen heeft. We raken er steeds meer van overtuigd dat we de menselijke maat uit het oog verloren zijn en dat die hersteld moet worden. Het wringt aan alle kanten want in de economie leren we ook dat stilstand achteruitgang is, we moeten groeien. Inkrimpen past daar niet in want krimpen doet pijn.

Grenzen aan de groei
Ons systeem klopt van geen kanten. Als mijn broodrooster kapot is kan ik beter een nieuwe aanschaffen, want repareren kost meer. Willen we paal en perk stellen aan de ongebreidelde groei dan moeten we beginnen met het hergebruiken van wat we al hebben. Dat kan alleen als onze arbeid goedkoper wordt en de belasting op grondstoffen omhoog gaat. Alleen dan remmen we de consumptie af en stimuleren we de dienstverlenende en circulaire economie.

Als we daarnaast ook onze binding met de natuur weten te herstellen dan helpen we niet alleen ons milieu en de biodiversiteit maar zijn we ook in staat om onszelf gezonder te maken. En dat heeft weer heel andere voordelen, waardoor automatisch ook een verschuiving ontstaan in de bulk aan kosten die we moeten maken om onze gezondheidszorg op peil te houden. Daarmee kunnen we niet alleen ons welzijn verder versterken, maar het geld weer voor hele andere mooie dingen inzetten.

Deze blog is eerder gepubliceerd op de site van the Society for Organizational Learning (SoL).

maandag 17 juni 2013

Wordt het moedermelk of poedermelk?

De blije kinderkopjes op de verpakking van babymelkpoeder zijn door het EU parlement verboden. De aanhangers van borstvoeding zijn er blij mee. Maar niet iedereen denkt er zo over. Is het betutteling of gewoon een logische beslissing?

Op 11 juni 2013 werd het verbod op afbeeldingen van baby’s op pakken babymelk van kracht. Onbewust zet de afbeelding van gezonde en blije baby’s de moeders aan tot het kopen, omdat ze ook zo’n gezond kind willen. Jarenlange streed de belangenorganisatie van borstvoeding, Baby Milk Action uit de UK, tegen de producenten van poedermelk. De belangenorganisatie verwijt de industrie oneerlijke informatievoorziening over de gezondheidsvoordelen van poedermelk ten opzichte van borstvoeding. Terwijl babymelkpoeder het niet haalt bij moedermelk.

Als je moeder gaat worden sta je op zeker moment voor de beslissing of je je pasgeborene borstvoeding gaat geven of de fles? Voor mij was de keuze niet zo moeilijk, nog voor de bevalling had ik mijn beslissing genomen om mijn baby zelf te gaan voeden. Puur gebaseerd op gevoel en in mijn ogen de meest gezonde en natuurlijke manier. Iedere moeder wil tenslotte het beste voor haar kind.

Poedermelk is handel
Wereldwijd is er bij tijd en wijle flinke kritiek op babymelkpoeder. De commotie over de hamsteractie van Nederlands babymelkpoeder door chinezen is nog nauwelijks verstomd. Ook in China willen moeders het beste voor hun (enige) kind. Maar daar wordt de keuze gemaakt voor de beste melkpoeder vanwege de enorme schandalen met houdbaarheidsdata en met melamine vervuilde melkpoeder uit eigen land.

In Afrika hebben multinationals als Coca Cola en MacDonalds de ontwikkelingslanden veroverd, alsof het volwaardige markten zijn. Zo ook de producenten van babymelk zoals Nestlé. In een continent waar de baby- en kindersterfte groot is geven de stralende baby’s op de verpakkingen de indruk dat je je baby daarmee de beste kans geeft. Maar volgens Unicef werkt poedermelk averechts en is daarmee een regelrechte ramp. Het vereist namelijk hygiëne en schoon drinkwater en daar ontbreekt het vaak aan. Moedermelk beschermt kinderen juist tegen infecties en diaree wat de levenskansen vergroot. Poedermelk wordt ten onrechte gezien als gezonder dan borstvoeding en daarnaast is het ook nog eens duur.

Moedermelkmaffia
Jammer dus dat het verbod van de EU alleen geldt voor landen in Europa terwijl er landen zijn die er meer baat bij zouden hebben. Landen waar schoon drinkwater het probleem is. Ook is er nog een ander tegengeluid te horen, niet van een producent, maar van journalist Yaël Vinckx in de NRC van 14 juni 2013. Zij vindt het verbod pure betutteling als gevolg van de actie van de ‘moedermelkmaffia’ in de persoon van lobbyist Patti Rundall van Baby Milk Action.

Vinkcx vindt dat de jonge moeders een schuldgevoel wordt aangepraat als ze moeder natuur niet de kans geven. Jammer dat zij zelf een nare ervaring heeft met het geven van borstvoeding. Ze verwart het afgetopt zijn in de eerste kraamweken, vanwege slaapgebrek en de continue zorgbehoefte van de baby, met de ongemakken van de borstvoeding. Op mij komt het over als wraak nemen op en afzetten tegen haar eigen onvermogen.

Moment van rust
Zelf heb ik het moment van het voeden van mijn kinderen altijd als rustpunten ervaren in de hectische zoektocht van het inpassen van de niet aflatende behoefte aan zorg en aandacht van de nieuwe wereldburger in het bestaande patroon van het gezin. In mijn ogen is er niets mooiers en geeft niets meer voldoening dan het geven van borstvoeding aan je kind. Het versterkt de band met je kind evenals het immuunsysteem. En makkelijk dat het is! Het is altijd op ieder moment van de dag beschikbaar op de juiste temperatuur en in de juiste samenstelling. Wat wil je nog meer?

Natuurlijk zijn er moeders waarbij de borstvoeding niet vanzelf gaat. Maar moeder natuur heeft ons niet voor niets deze faciliteit meegegeven, dus waarom zouden we het niet uitproberen? Dieren doen niets anders. Een gorillajong krijgt 3 jaar lang borstvoeding. En het argument dat borstvoeding niet mogelijk is als je buitenshuis werkt klopt beslist niet, dat heb ik zelf bewezen. Ik heb het bijna een jaar volgehouden. Een kwestie van willen en goed plannen.

Band met de vader
Toen ik zwanger was van mijn eerste sprak ik een vrouw die werkte bij een producent van melkpoeder. Zij was zelf ook zwanger en probeerde mij vol vuur te overtuigen dat niets beter was voor je baby dan flessenvoeding. Voor haar uiteraard geen borstvoeding. Van haar heb ik niet een argument gehoord waarom het beter zou zijn voor mijn kind. Het is hooguit gemakkelijker voor mij als moeder omdat je het kan uitbesteden!

Babymelkpoeder past daarmee uitstekend in onze cultuur van gemaksvoeding. En dat flessenvoeding de band met de vader bevordert zit daar echt niet (alleen) in, daarvoor zijn momenten genoeg. Ook mijn man heeft toen ik weer ging werken de fles gegeven, maar dan wel met afgekolfde moedermelk.

Voordelen en nadelen moedermelk
Zowel borstvoeding als flessenvoeding heeft zijn voor- en nadelen. Het gaat erom dat je als nieuwbakken moeder zelf de keuze maakt wat het beste bij jou past. Maar onderzoek de verschillende mogelijkheden en laat je minder leiden door wat anderen zeggen.

Wil je meer weten over de voor- en nadelen van borstvoeding en flesvoeding dan is er voldoende informatie te vinden op internet en zijn er boeken beschikbaar. Zelf heb ik erg veel baat gehad bij het boek “Handboek Borstvoeding” van de borstvoedingorganisatie La Leche League en van een lactatiekundige die gespecialiseerd is in het geven van borstvoeding.

woensdag 12 juni 2013

Voor verandering is daadkracht nodig

Op 27 april j.l. vond een manifestatie plaats op het Malieveld in Den Haag waaraan meerdere organisaties en initiatieven deelnamen. Ook de Vereniging Basisinkomen liet van zich horen.

Doel van de manifestatie was het algemeen ongenoegen kenbaar maken met de economische situatie en de wijze waarop de politiek de crisis te lijf gaat. We zitten in een periode van transitie waarvoor nieuwe ideeën, systemen, modellen maar vooral daadkracht nodig is. Er zijn diverse mogelijkheden beschikbaar om onze economie structureel te veranderen waardoor onze samenleving weer een nieuwe impuls krijgt. Helaas lijkt de politiek blind en doof voor vernieuwing en kan of wil ze er geen gevolg aan geven. Een hulpmiddel bij het aanpakken van een aantal grote problemen kan gevonden worden in de invoering van een onvoorwaardelijk basisinkomen voor iedereen.

Mensenrecht
Het basisinkomen is een vast maandelijks bedrag dat zonder enige voorwaarde door de overheid wordt uitgekeerd aan alle personen in de samenleving. Vandaar dat het ook wel het onvoorwaardelijk basisinkomen wordt genoemd. Het garandeert om in ons levensonderhoud te kunnen voorzien en deel te kunnen nemen aan de samenleving (sociale participatie). Het is daarmee een mensenrecht. Immers artikel 20 van de grondwet zegt: “De bestaanszekerheid der bevolking en spreiding van welvaart zijn voorwerp van zorg der overheid.”

Laat van je horen
Om de invoering van een basisinkomen te bevorderen is er een Europees Burgerinitiatief gestart. Als lid van de Vereniging Basisinkomen mocht ik de vereniging vertegenwoordigen en toelichting geven op het burgerinitiatief. Van mijn praatje zijn de volgende beelden beschikbaar.



Jolanda Verburg over het #basisinkomen 27 april... door johnitomusic

Nogmaals roep ik iedereen op om het Burgerinitiatief Basisinkomen te ondersteunen. Dat kan via: www.sign.basicincome2013.eu

Voor meer informatie kunt u terecht bij: www.basisinkomen.nl



woensdag 29 mei 2013

Wat is de waarde van werk?

Er zit iets scheef in ons denken als het gaat om waardering van werk. Mensen met een betaalde baan worden hoger gewaardeerd dan mensen die onbetaald werk doen. Net of onbetaald werk minderwaardig is. Hetzelfde geldt voor lager betaald werk. Levert een vuilnisman een lagere waarde voor de samenleving dan iemand die bij een bank werkt?

Het afgelopen jaar reisde ik een aantal keer naar Brussel om mee te praten over een nieuw Europees pensioenstelsel. Toen ik mijn vader daarover informeerde was het enige dat hij zei: “En heb je daar nu wat mee verdiend?” Daar stond ik dan met mijn mond vol tanden. Nadat ik was hersteld van deze ontnuchtering kon ik alleen maar uitbrengen: “Nee pap, dit was voor de politiek, er is meer in het leven dan alleen geld verdienen.”

De houding van mijn vader vergoelijk ik maar met de gedachte dat hij bezorgd is over mij en dat hij voor mij het beste wil en daarbij mij de makkelijkste weg toewenst. Maar voor mij is de makkelijkste weg niet altijd de meest voor de hand liggende, omdat ik ook de ervaring belangrijk vind. Dat ik naast inkomen vooral de uitdaging, zingeving en het leeraspect in mijn werk verkies krijg ik er bij hem niet in.

Niet achter de geraniums
De laatste jaren kom ik steeds meer mensen tegen die iets doen voor de samenleving terwijl ze er niet voor betaald worden. Die mensen doen dat vanuit hun bevlogenheid om iets te veranderen aan de samenleving of om anderen in de samenleving te helpen. Die mensen halen energie uit hetgeen ze doen, vaak is dat voldoende. Wat voor mij als een paal boven water staat is dat het waarde toevoegt. Juist dit is het nieuwe element in de economie van de 21e eeuw.

Het kan niet vaak genoeg herhaald worden: vrijwilligerswerk is ook werk! Het kan zelfs een hulpmiddel zijn voor werklozen om uit hun soms uitzichtloze positie te komen. Dat de overheid daar niet vanuit gaat blijkt uit het reclamespotje: “Doet u vrijwilligerswerk, geef dit dan door aan uw uitkeringsinstantie, want het kan gevolgen hebben voor uw uitkering.” Permanente inzetbaarheid is leidend bij een werkloosheidsuitkering. Kwantiteit boven kwaliteit.

Onlangs hoorde ik het verhaal van iemand met een chronische ziekte die niet meer kan werken maar voor de afleiding koffie schenkt in een verzorgingshuis. Met zijn scootmobiel rijdt hij naar mensen die nog minder kunnen dan hij. Maar hij is ermee gestopt omdat de sociale dienst teveel vragen stelde en hij er last mee kreeg en niet het risico wilde lopen zijn uitkering kwijt te raken. Nu zit hij doelloos thuis. Ons systeem laat niet toe dat iemand die dat wil toch iets kan doen voor de samenleving.

Waardering voor werk
“De moderne held is een werkende held” legt de Brits filosoof Alain de Botton uit. Wij voelen ons doorgaans gelukkiger op het werk dan thuis. Werk wordt namelijk hoog gewaardeerd. Niet alleen door onze omgeving maar ook door onszelf. Wij zijn wat wij doen. Mensen kunnen zich in het werk verliezen en werk gaan zien als de meest belangrijke activiteit van hun bestaan, zelfs zo erg dat privérelaties verstoord raken en gezinnen ontwricht. Ook nemen veel mensen stress op het werk of vervelende omstandigheden voor lief om hun werkzekerheid te garanderen waarbij niet slechts financiën een rol spelen. Van de ons zelf opgelegde perceptie maken bedrijven gretig gebruik.

Werk is een hoog goed geworden en de verwachtingen ten aanzien van een succesvolle carrière zijn hooggespannen. Dat wordt ons al met de paplepel ingegeven. Daarom is het voor de meeste mensen ook zo ontzettend moeilijk om met werkloosheid om te gaan. De meeste mensen identificeren zich met het werk en zodra dat wegvalt, raken ze niet alleen hun geluksgevoel - hoe klein ook - kwijt maar ook hun identiteit en status en ultimo ook het bijbehorende inkomen. Wie niet werkt wordt toch vaak wat argwanend bekeken of gezien als profiteur van het systeem, vooral als diegene een uitkering ontvangt.

Dienstbaarheid loont
Ik heb een tijd in Engeland gewerkt. In het begin verbaasde ik mij erover dat er nog functies waren als portier, liftboy, gastvrouwen die je in een gebouw naar de juiste plaats brengen en winkelbedienden die je boodschappen inpakken. Niet alleen is het erg plezierig om begeleid te worden in een onbekende omgeving, maar het heeft beslist een sociale functie en houdt mensen in het arbeidsproces die anders wellicht uitzichtloos op de bank zouden zitten.

De manier waarop wij tegen de rol en de status van werk aankijken is scheefgegroeid en moet echt veranderen als we een gezonde samenleving willen houden. Wij zijn zo doorgeschoten dat wij liever betaald op andermans kinderen passen dan onbetaald op onze eigen kinderen, want dan tel je niet echt mee in de maatschappij. Je bent pas iemand als je een baan hebt. Raar toch?

In de discussies die ik vaak voer over de invoering van een basisinkomen voor iedereen komt ook steevast de opmerking voorbij: “Ja, maar je moet toch werken voor je geld!” Ondanks de verschillen in perceptie over het soort werk wordt werken toch hoger gewaardeerd dan niets doen. Mensen willen dus wel degelijk werken, is het niet betaald dan maar onbetaald. Als dan werk zo’n belangrijke rol speelt in ons bestaan, waarom waarderen we dan niet iedereen die zich inspant voor de samenleving? Daarmee waarderen we niet alleen de burger die iets doet voor zijn medemens maar verhogen we ook de bereidheid om je in te spannen. Laten we er vandaag nog mee beginnen. Ik blijf er over praten en over schrijven.